Jozef Derboven van de Piron Brigade (België)

Eind 2011 las mevrouw Jeanne Servranckx uit België, een bekend genealoog van 82, op de website van de gemeente Neder-Betuwe het oorlogsrelaas over de gecrashte Halifax-bommenwerper boven Dodewaard en Ochten. Daarbij ook de vermelding van twee tijdelijke Belgische oorlogsgraven in Dodewaard die in 1946 door de Openbare Lagere School in Dodewaard waren geadopteerd.

Jozef DerbovenDeze informatie wekte haar interesse omdat zij voor haar Heemkundige Kring Kampenhout een artikel schreef over haar in de Tweede Wereldoorlog omgekomen neef Jozef Derboven, die deel uit maakte van de Brigade Piron en in 1945 in de omgeving van Ochten was gesneuveld. Zij vroeg de basisschool in Dodewaard om meer informatie en de school schakelde het 4 mei Comité Dodewaard in.

Nasporing door het 4 mei Comité Dodewaard in de gemeentelijke archieven leverde de laatste gegevens op waarmee mevrouw Servranckx haar memorie over haar neef in het jaarboek 2011 van de Heemkundige Kring Kampenhout kon voltooien. Hier volgt -enigszins ingekort– het tragische verhaal over haar neef Jozef Derboven, nog maar 19 jaar, die kort voor de bevrijding in Ochten op ' ’t Zand' als een van de laatste militairen van de Brigade Piron sneuvelde.

De familie van Jozef

De ouders van Jozef hadden een café in Kampenhout, België, waarin ook de cinema 'Rio' was gevestigd. Behalve Jozef hadden zij ook een dochter, Julia. Jozef was een uitmuntend student aan het Instituut 'Sainte Marie' in Schaarbeek.

Maar op 5 april 1943 sloeg het noodlot toe. Een groot aantal Amerikaanse bommenwerpers van het type B 17 miste doel bij een bombardement en zaaiden dood en verderf in het plaatsje Mortsel, Antwerpen, waarbij 936 burgers omkwamen. Zo ook de vader van Jozef. De moeder van Jozef bleef als weduwe met twee kinderen het café en cinema exploiteren.

Oorlogsvrijwilliger

In het café kwamen vele Engelse en Amerikaanse soldaten, België was juist bevrijd. Ook Kolonel Piron. Tijdens de oorlog wilde Jozef zich al aansluiten bij de zogenoemde 'Witte Brigade' maar hij was nog te jong. Toen Kolonel Piron echter in zijn leven kwam zag hij zijn kans schoon en, in de ban van de verhalen over de oorlog,  meldde hij zich aan als oorlogsvrijwilliger. Zeer tegen de zin van zijn moeder, die immers haar man al door oorlogsgeweld was verloren. Zij deed er alles aan om hem van gedachten te doen veranderen. Tevergeefs. Jozef was niet meer te houden; hij wilde ook andere landen bevrijden van de Duitse bezetting. Hij was een idealist!

Kolonel Piron beloofde zijn moeder: “Ge moet u geen zorgen maken, ik houd hem bij mij, hij gaat niet naar het front!”. Maar enkele weken later was de 19-jarige Jozef wél aan het front.

Jozef kreeg van tevoren zijn basisopleiding en belandde uiteindelijk bij de C-Compagnie (3e peloton) van de Brigade Piron. Zijn leidinggevende was sergeant André Divry, die zijn opleiding in Engeland kreeg en nog leeft; hij is 93 jaar.

Interview van schrijfster Jeanne Servranckx met sergeant Divry

Ik vroeg aan Divry of hij Jozef Derboven had gekend.
Zonder enige twijfel antwoordde hij met “ ja“. “Hij is gesneuveld aan mijn zijde op 24 april 1945 in Ochten, het zit nog fris in mijn geheugen of het gisteren was gebeurd. Na de reorganisatie van het Belgische leger werd ik bevorderd tot sergeant na een opleidingsperiode in Temse en werd toegewezen aan het 1e bataljon, C-Compagnie, 3e peloton. Ik was de pelotonsadjunct van SARLET. Het peloton was samengesteld uit 44 jonge rekruten (oorlogsvrijwilligers), alleen ik was een ancien (oudgediende) van Engeland.

In de nacht van 23 op 24 april 1945 nam het volledige 3e peloton van de C-Coy deel aan een gevechtspatrouille met de opdracht het kruispunt van Ochten in te nemen. Eerst schoot onze artillerie richting vijand om zo onze patrouille te ondersteunen bij haar opmars. Bij het naderen van het kruispunt vond een hevig vuurgevecht plaats. De Duitsers hadden zich in stellingen ingegraven.
Jozef Derboven bevond zich naast mij toen hij dodelijk werd getroffen door een vuurstoot van Duitse mitrailleurs. Jozef was op slag dood en heeft niet geleden. Ik herinner mij Jozef zeer goed, hij droeg een bril met ronde glazen. Het was 1 uur ’s nachts.

De Duitsers aan de overzijde behoorden tot de 21e Parachutisten Brigade. Onze patrouille kon enkele gevangenen maken waaronder een zekere generaal Ardeick, commandant van deze brigade. Ik ontwapende deze generaal en ben nog steeds in het bezit van zijn pistool.”

Graf Jozef Derboven in DodewaardJozef werd begraven naast de Dodewaardse kerk.

In 1946 adopteerde de Openbare Lagere School in Dodewaard het graf van Jozef en het graf van de laatste gesneuvelde Belgische militair van de Brigade Piron, André van den Berghe, die op 29 april 1945 tijdens een wacht dodelijk door vijandelijk vuur werd getroffen, eveneens op ’t Zand in Ochten. In 1949 werd het stoffelijk overschot van Jozef, op verzoek van zijn moeder, overgebracht naar de begraafplaats in Mortsel (België) waar ook zijn vader rust. André van den Berghe is overgebracht naar de begraafplaats in Willemstad (Nederland). In die roerige dagen is nog een dienst voor de gevallen soldaten gehouden in de verlaten NH Kerk in Dodewaard.

Graf Jozef Derboven in MortselJozef Derboven heeft de bevrijding – ook van onze gemeente – niet aan anderen willen overlaten en meldde zich aan als oorlogsvrijwilliger bij de Piron Brigade. Hij heeft voor zijn inzet en idealisme de hoogste prijs gegeven, zijn jonge leven!. Daarom moet zijn geschiedenis worden bekend gemaakt, zeker in onze gemeente.

Overigens werd in juni 2013 van een oudere inwoner van Dodewaard vernomen dat de moeder van Jozef enkele malen het graf van haar zoon in Dodewaard heeft bezocht. Zeker in die tijd was dat een hele onderneming omdat het openbaar vervoer van toen niet te vergelijken is met nu.
Het tekent ook de diepe sporen van de oorlog want mevrouw Derboven verloor haar man én haar zoon.

Ekeren, België – Jeanne Servranckx
Dodewaard – Cees van Meer