Sporen in het landschap

De eerste bewoners woonden op de oeverwallen. Dit zijn de wat hoger gelegen plaatsen aan de rivier waar zij huis en haard droog konden houden.

De oeverwallen waren meestal relatief smal en langwerpig en vormden het basisgebied waar in de loop van vele eeuwen meerdere kleine nederzettingen ontstonden. Families bleven vaak bij elkaar wonen. Slechts sporadische kwamen contacten met andere families voor. De oeverwallen waarop die eerste bewoning in dit gebied geconcentreerd was, zijn ook nu nog terug te vinden.

Bij de aanleg van de A15 en recentelijk nog bij de aanleg van de Betuwelijn zijn deze woonplaatsen aangesneden. Op plaatsen waarvan ooit gedacht werd dat daar in de prehistorie nooit gewoond zou kunnen zijn, diep onder de veel later afgezette komklei.