Stijgende verwerkingskosten en belasting drijven afvalstoffenheffing omhoog

Begroting 2020.

Het Dagelijks Bestuur van Avri heeft vorige week de begroting voor 2020 voorgelegd aan de gemeenteraden van de acht deelnemende gemeenten. Voor komend jaar stelt zij een gemiddelde afvalstoffenheffing van € 235 per huishouden voor. Dat is een verhoging van € 16 ten opzichte van 2019. De verhoging wordt veroorzaakt door de stijging van verwerkingskosten voor afval en de daling van opbrengst van grondstoffen zoals papier en kunststof verpakkingen. Ook de belasting op het verbranden van restafval draagt bij aan de stijging van de afvalstoffenheffing. Het is een trend waar alle Nederlandse gemeenten mee te maken hebben.

Logo Avri

Stijgende verwerkingskosten en dalende inkomsten op grondstoffen

De prijzen die Avri ontvangt voor de ingezamelde grondstoffen zijn dalende. Zo is de papierprijs afgelopen jaar gedaald en blijft die prijs naar verwachting laag. Die dalende lijn geldt ook voor andere grondstofstromen, zoals textiel. Tegelijkertijd stijgen ook de verwerkingskosten voor het afval. Onlangs moest het GFT-afval opnieuw aanbesteed worden, wat resulteerde in een kostenverhoging van circa  € 0,8 mln. per jaar ten opzichte van het vorige contract. De stijging komt doordat de hoeveelheid GFT in Nederland in de afgelopen jaren fors is gestegen (door de afname van restafval in Nederland), terwijl de verwerkingscapaciteit nauwelijks toegenomen is. Dit leidt tot forse prijsstijgingen in de markt.

Eind 2019 definitief besluit

Verder ontvangt Avri steeds minder vergoeding voor het inzamelen van het kunststof verpakkingsafval. Die dalende inkomsten zijn onderdeel van het contract dat de Nederlandse gemeenten hierover afgesproken hebben met het verpakkende bedrijfsleven. Daarnaast zorgen overheidsmaatregelen – zoals de meer dan verdubbelde belasting op de verbranding van restafval – voor stijging van de afvalstoffenheffing.

In het totaal zorgen de stijgende verwerkingskosten, de dalende inkomsten op grondstoffen en de verhoogde belastingen voor een kostentoename van ongeveer € 19 op de afvalstoffenheffing. Omdat er ook enkele meevallers zijn, is de stijging beperkt tot € 16. Het Algemeen Bestuur stelt de begroting in juli 2019 vast en neemt in december 2019 een definitief besluit over de tarieven afvalstoffenheffing voor 2020. Gemeenteraden worden nu al gevraagd om hierover hun mening te geven zodat een evenwichtig besluit genomen kan worden.

Prijsstijging ondanks goed afval scheiden

Voorzitter van het Dagelijks Bestuur, Joost Reus: “Het is zuur dat de afvalstoffenheffing omhoog moet terwijl we in Rivierenland ons afval steeds beter scheiden. De opbrengsten uit grondstoffen dalen terwijl verwerkingskosten stijgen. Komend jaar betalen wij bijvoorbeeld € 9 euro per huishouden meer om het GFT te laten verwerken. Hier hebben wij helaas geen invloed op. Wél kunnen we zelf zo goed mogelijk ons afval blijven scheiden. Zorgen dat we zo min mogelijk restafval hebben, dat scheelt direct in de portemonnee. En, bij minder restafval besparen wij op verbrandingsbelasting want die is fors.

Belonen afval scheiden

Het variabele deel van de afvalstoffenheffing is het deel dat inwoners betalen voor de keren dat zij restafval aanbieden. Verschillende gemeenten gaven vorig jaar aan om het variabele deel te vergroten, zodat afval scheiden extra beloond wordt. Voor de verdeling tussen een basistarief (voor ieder huishouden gelijk) en variabel tarief zijn verschillende scenario’s in de begroting opgenomen. De gemeenten wordt gevraagd hier een reactie op te geven. In alle gevallen leiden de scenario’s tot een gemiddeld tarief van € 235 per huishouden. Dit bedrag is nodig om de kosten te dekken voor de inzameling en verwerking van het huishoudelijk afval