Financiële positie budget Wmo/Jeugd en Participatiewet positief

Een verwachting is dat op 31 december 2017 een financieel overschot aanwezig is van circa € 1 miljoen op het budget van Wmo/Jeugd en Participatiewet.

Een verwachting is dat op 31 december 2017 een financieel overschot aanwezig is van circa € 1 miljoen op het budget van Wmo/Jeugd en Participatiewet. Het overschot bestaat vooral uit het saldo van incidentele mee- en tegenvallers. De belangrijkste onderdelen zijn:  vervallen van opgenomen verplichtingen in 2016 (€ 465.000), positieve effecten van de mei- en septembercirculaires (€ 186.000), minder persoonsgeboden budgetten Wmo/Jeugd (€ 300.000) en minder uitgaven voor de bijdrageregeling chronisch zieken en gehandicapten (€ 93.000).

Er is een berekening gemaakt van de te verwachten uitgaven over 2017 op basis van de werkelijke uitgaven tot en met 1 september 2017 en een prognose tot 31 december 2017. In mei 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders de gemeenteraad geïnformeerd over de verwachting dat er in 2017 een structureel tekort op de budgetten van 3D’s (decentralisaties Wmo/Jeugd en Participatiewet) zou zijn van circa € 500.000. Deze informatie was gebaseerd op de uitkomsten van de jaarrekening 2015 en 2016, waarbij het jaar 2015 geen goed referentiejaar was, omdat het een soort overgangsjaar was.

Wel zijn er nog de nodige enkele onzekerheden die een positief of negatief effect kunnen hebben op de financiële uitkomst. Het gaat daarbij om de afrekening van de zorgaanbieders over het jaar 2017, overige verplichtingen over het jaar 2016, solidariteit over het jaar 2016 en definitieve rijksuitkering Participatiewet over het jaar 2017. Wethouder Rob Benschop: “Door een aantal incidentele voordelen (meer rijksinkomsten) en minder uitgaven voor voorzieningen is meer geld overgehouden. Dit is mede het gevolg van voorzichtig financieel beheer. Inwoners merken hier niets van.”

De zoektocht van het college van B en W naar mogelijkheden om efficiënter te werken wordt onverminderd voortgezet, net als het streven naar het structureel beperken van de zorgkosten. Een plan van aanpak daarvoor wordt op dit moment voorbereid. Ook al is er sprake van veelal incidentele meevallers, de financiële positie ziet er voor de komende twee jaar rooskleuriger uit. Aanvankelijk zou de bodem van de reserve in 2018 zijn bereikt. Maar thans is een groter buffer aanwezig om eventuele tegenvallers op te vangen.

Uitgelicht