Sla menu over en ga naar de inhoud

-

Verordening burgerinitiatief Neder-Betuwe

Inhoudsopgave
Verordening burgerinitiatief Neder-Betuwe+
Naar boven
Aanhef. Verordening burgerinitiatief Neder-Betuwe
Raadsbesluit

Datum besluit: 4 maart 2004
De raad van de gemeente Neder-Betuwe;
gelezen het voorstel van het presidium, d.d. 19 januari 2004
gelet op het bepaalde in: artikel 149 van de Gemeentewet

BESLUIT:

1. De Verordening Burgerinitiatief Neder-Betuwe
vast te stellen.
Naar boven
Artikel 1.
In deze verordening wordt verstaan onder een burgerinitiatiefvoorstel: een voorstel van een initiatiefgerechtigde ter plaatsing op de agenda van de vergadering van de raad.

(Alternatief In deze verordening wordt verstaan onder een burgerinitiatiefvoorstel: een voorstel van een initiatiefgerechtigde om een onderwerp op de agenda van de vergadering van de raad te plaatsen.)
Naar boven
Artikel 2.
1. De raad plaatst een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van zijn vergadering indien daartoe door een initiatiefgerechtigde een geldig verzoek is ingediend.
2. Ongeldig is het verzoek dat:
a. niet door ten minste 75 initiatiefgerechtigden wordt ondersteund;
b. een onderwerp als bedoeld in artikel 4 bevat, of
c. niet voldoet aan de voorwaarden, gesteld in artikel 5.
Naar boven
Artikel 3.
1. Een burgerinitiatief dat doorjongeren in de leeftijd van 14 - 18 jaar wordt ingediend, zal door het
presidium worden beoordeeld op ontvankelijkheid.
2. Voor de beoordeling of aan de vereisten voor initiatiefgerechtigdheid is voldaan, is de toestand op de dag van indiening van het verzoek bepalend
Naar boven
Artikel 4.
Een burgerinitiatiefvoorstel houdt niet in:
a. een onderwerp dat niet behoort tot de bevoegdheid van de raad;
b. een vraag over het gemeentelijk beleid;
c. een klacht in de zin van hoofdstuk 9 van de Algemene wet bestuursrecht over een gedraging van het gemeentebestuur;
d. een bezwaar in de zin van hoofdstuk 7 van de Algemene wet bestuursrecht tegen een besluit van het gemeentebestuur, of
e. een onderwerp waarover tijdens de raadsperiode waarin indiening van het voorstel plaatsvindt door de raad een besluit is genomen.
Naar boven
Artikel 5.
1. Het verzoek ter plaatsing van een burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van de vergadering van de raad wordt schriftelijk ingediend bij de burgemeester.
2. Het verzoek bevat ten minste:
a. een nauwkeurige omschrijving van het burgerinitiatiefvoorstel;
b. een toelichting op het burgerinitiatiefvoorstel;
c. de achternaam, de voornamen, het adres, de geboortedatum en de handtekening van de verzoeker en zijn plaatsvervanger, en
d. een lijst met de voornamen, achternamen, adressen, geboortedata en handtekeningen van de initiatiefgerechtigden die het verzoek ondersteunen.
Naar boven
Artikel 6.
1. De raad beslist in de eerstvolgende vergadering na de datum van indiening van het verzoek of het burgerinitiatiefvoorstel op de agenda van de vergadering van de raad wordt geplaatst, met dien verstande dat ten minste twee weken is gelegen tussen de dag van indiening van het verzoek en de dag van de vergadering waarin op het verzoek wordt beslist.
2. Indien de raad het verzoek afwijst wegens strijd met artikel 4, onder a, kan de raad het voorstel doorzenden aan burgemeester en wethouders.
3. Indien de raad het verzoek toewijst, dan agendeert hij het burgerinitiatiefvoorstel voor de eerstvolgende vergadering van de raad.
4. De burgemeester nodigt de verzoeker schriftelijk uit voor de vergadering waarvoor het burgerinitiatiefvoorstel is geagendeerd. De verzoeker of zijn plaatsvervanger heeft tijdens deze vergadering de gelegenheid om zijn burgerinitiatiefvoorstel mondeling nader toe te lichten.
5. Zo spoedig mogelijk nadat de raad over het burgerinitiatiefvoorstel een besluit heeft genomen wordt dit besluit bekendgemaakt door kennisgeving van het besluit of van de zakelijke inhoud ervan in een van overheidswege uitgegeven blad of een dag-, nieuws- of huis-aan-huisblad, dan wel op een andere geschikte wijze.
6. Tegelijkertijd met de bekendmaking wordt van het besluit mededeling gedaan aan verzoeker.
Naar boven
Artikel 7.
De burgemeester brengt over eik jaar een verslag uit over de werking van het recht van burgerinitiatief in de praktijk.
Naar boven
Artikel 8. Inwerkingtreding
Deze verordening treedt zes weken na de datum van bekendmaking in werking.
Naar boven
Artikel 9. Citeertitel
Deze verordening kan worden aangehaald als de Verordening Burgerinitiatief Neder-Betuwe.
Naar boven
Ondertekening.

Besloten in de raadsvergadering van 4 maart 2004
de griffier, de voorzitter,

Een voorstel van een initiatiefgerechtigde ter plaatsing op de agenda van de vergadering van de betreffende raadscommissie.

Overheidsorganisatie: gemeente Neder-Betuwe
Officiële naam van de regeling: Verordening burgerinitiatief Neder-Betuwe
Citeertitel: Verordening burgerinitiatief Neder-Betuwe
Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld):  
Besloten door: gemeenteraad
Onderwerp: bestuur en recht

Opmerking m.b.t. de regeling:

Geen.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd:

Nationale wetgeving

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving):

  • geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtredingTerugwerkende kracht t/mBetreftOntstaansbron / Inwerkingtreding: Datum ondertekening; bron bekendmakingKenmerk voorstel
22-04-2004nieuwe regeling03-04-2004
Rhenense Betuwse Courant,

10-03-2004



040304-07